Zelfstandige positie Omrop moet in Den Haag worden bevochten

Omrop FryslânCrisis bij Omrop Fryslân

Iedere morgen slingert Omrop Fryslân-presentator Jacob Stelwagen met goede moed het nieuws de provincie in. Wanneer iedereen anders nog slaapt is Stelwagen klaarwakker. Voor dag en dauw sleept hij alles en iedereen voor de microfoon. ’s Weekends is het de beurt aan Douwe Heeringa. In het programma Mei Douwe worden allerlei wetenswaardigheden op vakkundige wijze aan elkaar gesmeed. Op zondag is Cor Waringa een hoogtepunt voor veel luisteraars van Omrop Fryslân.

De getoonde vakmanschap staat in schril contrast met de sfeer die er bij de Omrop heerst. Precies een jaar geleden publiceerden we op onze website www.liwwadders.nl een treurigmakend verhaal over de Friese regionale omroep. Onder de titel ‘Omrop Fryslân heeft zijn beste tijd gehad’ werd verslag gedaan van neergaande luister- en kijkcijfers. Van vergrijzing en lichte paniek. Sindsdien is de positie van de Omrop niet verbeterd, maar zelfs verder verslechterd.

Weinig grip op de productie en het uiteindelijke resultaat

Een organisatieadviseur constateerde dat de aansturing van het redactionele proces op de werkvloer tekort schiet. ‘Er is weinig grip op de productie en het uiteindelijke resultaat.’ De waan van de dag overheerst. Informatie en kennis wordt onvoldoende opgeslagen en is niet beschikbaar, of onvindbaar, wanneer je het nodig hebt. ‘Daardoor missen mensen informatie en doen we soms dubbel werk.’ Aldus de rapportage van de adviseur.

Wat er volgens de Omrop moet gebeuren? Aan het eind van dit jaar moet tachtig procent van de inhoud van de omroep via het internet worden verspreid. Er moet een gezamenlijk Podium Fryslân worden ingericht (met de Noordelijke Dagblad Combinatie, uitgever van onder meer Leeuwarder Courant, Friesch Dagblad en Dagblad van het Noorden). Er moeten drie steunpunten in de provincie worden opgericht in samenwerking met lokale omroepen. De organisaties van redactie en leidinggevenden moeten op de schop. De afdelingen reclame, marketing en communicatie moeten een verbeterslag hebben doorgevoerd. En tachtig procent van de medewerkers moet de taaltoets hebben gehaald. Kortom: alles moet anders. Het moet stukken beter.

Sombere boodschap

De boodschap die door de directie werd verkondigd was somber, zeg maar inktzwart. Het credo, uitgesproken in een van de jaarverslagen, dat de Omrop hét journalistieke podium is van de provincie wordt bij lange na niet waargemaakt. Alle uitzendresultaten voor radio en televisie waren ‘leger’, ‘dalend’ of ‘tsjinfallend’. Krimp, matiging en vergrijzing waren andere kernbegrippen die de medewerkers werden voorgehouden. Het enige wat meeviel waren de internetcijfers. En de matineuze inspanningen van Jacob Stelwagen, Douwe Heeringa en Cor Waringa natuurlijk, al werden die niet genoemd.

De Friese regionale omroep kampt met ernstig dalende kijkcijfers en tegenvallende luistercijfers. De luisteraars worden steeds grijzer. Onomwonden wordt gesproken van ‘de 50-pluszender’. De strijd om de jongeren lijkt gestreden. Zij zijn nauwelijks nog serieus in beeld als doelgroep. Ook de advertentie-inkomsten zijn schraal en er moet worden gevochten voor subsidies en inkomsten uit fondsen. De positie van de regionale omroep Omrop Fryslân is onmiskenbaar in gevaar.

Inbinden

Van het VVD/PvdA-kabinet Rutte valt in dit verband weinig meer te verwachten. Staatssecretaris Sander Dekker (VVD), die over de mediazaken gaat, houdt koers. Hij vindt dat er in het verleden door de regionale omroepen op te grote voet is geleefd (‘dertien directies kan ik niet verkopen’) en dat de verhouding tussen investering en levering zoek is. Bovendien eten de publieke omroepen van te veel walletjes. En overheidsgeld, én subsidies, én fondsen, én advertentiegeld. Men speelt op een – in relatie tot mediabedrijven die zelf hun broek moeten ophouden – oneerlijk ingericht speelveld, aldus de liberale mediavoorman. Je zou bovendien met zo’n investering van middelen – Omrop Fryslân ontvangt 1 miljoen euro per maand – veel betere prestaties mogen verwachten.

Hoe hard de landelijke mediabestuurders ook roepen dat zij pijn gaan lijden, Dekker heeft hieraan vooralsnog geen boodschap. Wellicht dat hij de bestuurders op punten tegemoet gaat komen, maar de grote lijn blijft: inbinden.

De zelfstandige koers van de Omrop moet in Den Haag worden bevochten

Waar moet directeur Jan Koster van Omrop Fryslân, en tweede man van ROOS (de koepel van regionale omroepen) zijn heil nog zoeken nu het spel landelijk lijkt te zijn gespeeld? Waar moet hij te rade gaan nu er regionaal ook allerlei apen en beren op zijn pad verschijnen? In de provinciale politieke wandelgangen viel onlangs bij verschillende bijeenkomsten waarbij prominente bestuurders aanwezig waren, kritiek te horen op het beleid van Koster. Hij zou te veel achteroverleunen. Geart Benedictus, de architect van het nieuwe college van Gedeputeerde Staten van Friesland zou deze mening zijn toegedaan. Benedictus wil hier na de perspresentatie van ‘zijn’ coalitie niet nader op ingaan. Hij zegt dat hem de koers van Koster officieel niet bekend is. Benedictus vindt dat er feller moet worden gelobbyd in Den Haag. De zelfstandige koers van de Omrop moet daar worden bevochten. Volgens Benedictus had Koster de lobby richting Den Haag om een aparte status te verwerven krachtiger moeten organiseren.

Achterhoedegevechten

Koster lijkt intussen bezig met achterhoedegevechten. Hij probeert uit alle macht de samenwerking met andere mediaspelers vorm te geven. Tijdens de presentatie aan zijn personeel werd de stand van zaken rond het beoogde Regionaal Frysk Mediasintrum of Podium Fryslân uit de doeken gedaan. Dit is het centrum waarop de voormalige Leeuwarder Courant-uitgever Siebe Annema nu al weer bijna een jaar op broedt en waarvan Lútsen Kooistra, hoofdredacteur van het Friesch Dagblad – een uitgave van NDC – geen al te hoge pet van op heeft. Kooistra ziet het nieuwe Podium Fryslân niet veel meer dan een gezamenlijke presentatie van wat de media Leeuwarder Courant, Friesch Dagblad en Omrop Fryslân nu af en toe doen rond verkiezingen. Kooistra: ‘Van samenvoegen is geen sprake. Hij (Annema) doet onderzoek naar samen zaken ontwikkelen. Wat hij doet is niet zo spannend allemaal.’

Voor deze volgens Kooistra niet zo spannende zaken heeft Annema maar liefst 200.000 euro van de provincie Fryslân tot zijn beschikking gekregen en voert hij nu al geruime tijd gesprekken met jan en alleman, maar vooral met zijn oude werkgever de Noordelijke Dagbladcombinatie. Het bedrijf waarvan Annema ook de opdracht heeft gekregen om een (financiële)verbinding te zoeken met Culturele Hoofdstad.

Regionaal Frysk Mediasintrum

Het idee van het Regionaal Frysk Mediasintrum of Podium Fryslân is bedacht om de kwaliteit van de Friese journalistiek te waarborgen. Een uit nood geboren plan. Het begrip pluriformiteit komt hierbij onlosmakelijk om de hoek kijken. De medewerkers van de omroep kregen de fraaie managementteksten onlangs eveneens voorgeschoteld. Wat er precies inhoudelijk mee bedoeld wordt, werd hen niet goed duidelijk. Ook Annema kán of wíl hier desgevraagd nog weinig helderheid over verschaffen. Kooistra liet onlangs onomwonden weten dat hij het gebedel door media om subsidie beu is. Eerder zei hij tegen Liwwadders: ‘Er wordt een klimaat geschapen waarin nieuwe subsidies worden gebaard.’ Wat dit betreft lijkt Kooistra op één lijn te zitten met het nieuwe college van Gedeputeerde Staten.

Koster ziet de subsidiepot echter nog steeds als redding voor zijn organisatie. Hij lichtte een tipje van de sluier op over wat er eventueel allemaal op het Podium Fryslân staat te gebeuren. Bij gelegenheid haalde Koster het voorbeeld aan van de auto die in de sloot is geraakt. Het mediacentrum moet voorkomen dat diverse mediaorganisaties naar de sloot draven om verslag te doen van het ongeluk en daardoor alle andere werkzaamheden laten voor wat ze zijn. Dat het mediacentrum ook meer inhoudelijke zaken uit het Friese moeras zou kunnen trekken, daarover wordt door Jan Koster nimmer gerept. Missie en visie van het Frysk Mediasintrum blijven vooralsnog beperkt tot ronkende managementtaal waarin begrippen als: kwaliteit, pluriformiteit en vernieuwing de boventoon voeren.

Touwtjes in eigen handen houden

Hoewel Koster en Annema een open netwerk voorstaan, willen ze wél graag zelf de touwtjes in handen houden. Ze zien de in zwaar weer verkerende uitgever NDC en de eveneens in malheur verkerende publieke regionale omroep Omrop Fryslân als leidend in dit verhaal. Geen moment is bij Annema (en ook Koster) opgekomen dat het initiatief wellicht beter thuis zou horen bij innovatieve spelers die zich al hebben bewezen en waarmee het, in tegenstelling tot de mediaspelers die nu de leiding lijken te krijgen, wél voorspoedig gaat. Het zijn spelers die sinds jaar en dag zorgen voor hun eigen inkomsten, innovaties ten uitvoer brengen en daarmee verrassend scoren. Annema en Koster staan een volgorde en hiërarchie voor die haaks staan op het nieuwe beleid van het huidige college van Gedeputeerde Staten. Hetzelfde college waarbij de twee binnenkort voor de deur staan.

Koster en Annema houden volgens hun presentatie vooralsnog vast aan een ‘professioneel’ en ‘pluriform’ netwerk (in de vorm van een vereniging/productiehuis) met hierin zelfstandige merken met bloggers, kunstenaars en gamers (want: vernieuwend!). Het geheel (kennis, inhoud en faciliteiten) zou, als alles volgens plan verloopt, in een coöperatie kunnen worden gevat. Het is, al met al, ouderwets denken waar slechts weinigen mee gebaat zijn.

Koster, die Annema voor de verbindingsklus aanwierf, is ook actief op een ander verbindend platform. Zo wil hij best meewerken aan het voornemen van staatssecretaris Dekker om tot een reductie van het aantal regionale omroepen te komen. Van dertien directies naar vijf. Koster heeft al aangegeven dat hij grote voordelen ziet voor een clustering van de drie noordelijke regionale omroepen: RTV Noord, RTV Drenthe en Omrop Fryslân. Die omroepen zouden mooi vanuit de Zuiderkruisweg in Leeuwarden kunnen worden aangestuurd: bestuurlijk, technisch en facilitair.

Ambitie

De Omrop heeft ambitie, maar hebben ze daar niet veel te laat op ingezet? Daar waar particuliere mediabedrijven grote stappen hebben gezet, heeft het managementteam van Omrop Fryslân nog steeds geen begin van een oplossing in huis. Wat men wil bereiken klinkt modern, maar toont weinig daadkracht en overtuiging: 16.000 ‘likes’ op Facebook, 130.000 harkers op de radio, 117.000 sjoggers. En handhaving van het waarderingscijfer: 7,6.

Andries Veldman

Geef een reactie